Bratislava notitie 7 - Het Colloquium Neerlandicum ‘Bruggen Slaan’


Sinds 1997 heeft onze afdeling Keerbergen van de Orde van den Prince een samenwerkingsverband met de afdeling Neerlandistiek van de Comenius Universiteit te Bratislava. Eind mei 2019 organiseerden onze vrienden in Bratislava een belangrijk regionaal colloquium ‘Neerlandicum’. Het wil ‘Bruggen Slaan’ door collega’s uit de Lage Landen samen te brengen met Neerlandici vanuit heel Centraal Europa om ideeën uit te wisselen over taal, literatuur, didactiek, vertalen en tolken.

In deze zevende notitie brengen we verslag uit over het colloquium "Bruggen Slaan".

Van 29 mei tot 1 juni 2019 was de Vakgroep germanistiek, neerlandistiek en scandinavistiek van de Comenius Universiteit gastheer en organisator van het dertiende regionaal Colloquium Neerlandicum van de vereniging voor neerlandistiek in Centraal-Europa. Het werd een gelegenheid om bruggen te slaan tussen verschillende collega’s, instituten en disciplines. Klik hier voor een overzicht van de gastsprekers, een samenvatting van hun bijdrage en en lijst van de deelnemers.

Enkele opmerkelijke momenten.

Op woensdag, tijdens de academische openingszitting, twee lezingen die interessant (konden) zijn voor leden van de OvdP. Eén door professor Rita Temmerman (VUB) over ‘transtaligheid’ in Brussel, het fenomeen om verschillende talen door en naast mekaar te gebruiken: dialect en standaardtaal, Europese maar ook niet-Europese talen door mekaar. Zij illustreerde het creatief / commercieel / cultureel gebruik ervan (heel vaak ‘met een knipoog’) onder meer in advertenties, in de T-shirt mode en de reclame voor artisanale biermerken. Transtaligheid lijkt een uitermate geschikt en natuurlijk instrument om boodschappen te sturen naar een meertalig doelpubliek, het is hip, modern, grappig, speels, gelaagd én creëert een nieuwe identiteit onder de gebruikers.

De tweede lezing was van Hans Bennis, algemeen secretaris van de Nederlandse Taalunie, die een aantal recente rapporten van de NTU presenteerde, o.a. over standaardtaal versus taaldiversiteit, over de positie van regionale talen (het Limburgs, bijvoorbeeld) in het taallandschap, over de groei van het Engels en het verdwijnen van meertaligheid én van het Nederlands in het hoger onderwijs – “moeten we binnenkort neerlandici uit Polen naar hier halen om Nederlands te geven op onze middelbare scholen?” Hij besloot met een krachtig pleidooi over de kracht en het belang van zowel het Nederlands als meertaligheid.

De zitting sloot af met de voorstelling van een vertaling door studenten neerlandistiek van vier universiteiten van het boek Samen op de Laan naar Europa door Jan Henneman (over de relaties tussen ‘Tsjecho-Slowakije’ en Nederland) en een receptie, aangeboden door de Ambassade van het Koninkrijk der Nederlanden in Slowakije. Op donderdag liet professor Geert Buelens (Universiteit Utrecht), die we allicht kennen van zijn recente cultuurgeschiedenis van de jaren zestig, zich voor zijn boeiende lezing inspireren door de heropening van het Afrika Museum in Tervuren en de uitzending van de documentaire reeks ‘Kinderen van de Kolonie’. Beide brachten in Vlaanderen een debat op gang over de (de)kolonisatie maar toen de VN- commissie begin dit jaar België opriep om excuses aan te bieden over het koloniale verleden, was de afwijzende reactie van Bart De Wever: excuses hoorden van het koningshuis te komen! De Wever maakte hiermee van de kolonisatie een Belgische, en dus een niet-Vlaamse aangelegenheid. In de lezing lag daarom de nadruk op de manier waarop tegen de achtergrond van de Vlaamse Beweging in de Vlaamse literatuur over Congo is gedacht en geschreven. Werk van o.a. Cyriel Buysse, August Vermeylen, Willem Elsschot, Tone Brulin, Jef Geeraerts (!), Hugo Claus, David van Reybrouck, Erwin Mortier, en Bambi Ceuppens passeerde de revue.

De rest van de dag (en vrijdag) presenteerden tientallen neerlandici hun onderzoek en interesses in parallelle secties Vertalen, Beeldvorming, Literatuur, Cultuur, Taalkunde, Afrikaans, Taalverwerving, Geschiedenis, Kunst en in een speciale sessie ‘Doctorandi-incubator’ waarin aspirant-doctorandi hun onderzoek konden toetsen aan enkele hoogleraren als respondent.

‘s Avonds was er een geleid bezoek aan de Slovaakse Nationale Galerij en een auteursavond in gesprek met Frank Westerman, bekend non-fictie schrijver van o.a. El Negro en ik (zijn bekendste), Stikvallei (interessant), Ingenieurs van de ziel (zijn beste), De slag om Srebrenica (boeiend). Het gesprek ging vooral over zijn boek Dier, bovendier (2010), over het Lippizaner paard als rode draad doorheen de geschiedenis van de twintigste eeuw, dat Westerman kwam promoten naar aanleiding van de juist verschenen Tsjechische en Slowaakse vertaling.

De voormiddagsessie op vrijdag was gewijd aan het PACI project over ‘sociaal tolken’ in Centraal-Europa. Her project wordt gecoördineerd door de Comenius Universiteit en loopt met medewerking van Wroclaw, Olomouc en de VUB. Ik gaf er eerst de academische lezing ‘Zoals de roeier...’, een historisch overzicht van het onderzoek op het gebied van het tolken in juridische, medische en sociale domeinen.

Daarna volgden een aantal praktische workshops waarin modules van het project werden voorgesteld en getest.

In de namiddag waren drie opeenvolgende vergaderingen gepland, van het Comenius netwerk, de Internationale Vereniging voor Neerlandistiek en de Nederlandse Taalunie.

Het afsluitend diner werd aangeboden door de Algemene Afvaardiging van Vlaanderen in Centraal-Europa en opgeluisterd met laudatio’s voor prof. Jana Rakšányiová (Bratislava), prof. Judit Gera (Boedapest) en prof. Herbert van Uffelen (Wenen) die alle drie met emeritaat gaan, én met de voorlezing van de brief van de Afdeling Keerbergen die ‘plechtig’ werd overhandigd aan professor Rakšányiová. De brief zelf, zoals die op de vergadering van 5 april in Wakkerzeel door de aanwezige leden werd ondertekend, krijgt u in een volgende, en laatste Bratislava Notitie.

Mijn indrukken? Ik was erg onder de indruk van de brede waaier aan expertise die de neerlandici op dit colloquium presenteerden, van de vriendschap en samenwerking die er tussen instituten en collega’s leefde - iedereen kent blijkbaar iedereen in dit netwerk. Erg opvallend was het uitstekende niveau van Nederlandse taalvaardigheid en uit alles sprak een grote liefde voor de Nederlandse taal en cultuur. Misschien zijn wij in de Lage Landen op dit gebied verwaand en gemakzuchtig geworden, erkennen en verdedigen we het belang van onze taal en cultuur onvoldoende – de ‘Amsterdam’ beslissing werd op ongeloof onthaald – dus, wie een opsteker, een hernieuwd enthousiasme voor het Nederlands nodig heeft hoeft alleen maar eens zo’n Colloquium Neerlandicum in Centraal-Europa bij te wonen.

#Comenius #Bratislava #PaulvandenHeuvel #neerlandistiek

   Vlaams-Nederlands Genootschap voor Taal en Cultuur

© Prince Keerbergen 2017