Coda - 2 april 2026
43
Jos Deflander

Asperges
De tijd van de eerste asperges is de mooiste tijd van het jaar.
Fruitbomen bloeien, tulpen en paasbloemen in de tuin, de vogels zingen nog, wel minder luid als een paar weken geleden, omdat ze een partner gevonden hebben, er zijn lammetjes in de wei en op het bord.
Het zal dus over asperges gaan. Ik weet dat de aspergenacht volgt, en er zal daar dan ook over deze groenten gesproken worden, maar wees gerust er is literaire stof genoeg voor tien avonden. Ik las net een mooi stukje van Marcel Proust over deze hemelse groenten . A la recherche des temps perdu, maar ja in het Frans, dat durf ik niet bij de Princen, en Proust vertalen, dat kan ik niet.
Mijn parate kennis van poëzie is zeer beperkt, dus googelen.
Een handgeschreven recept van Louis Paul Boon: Asperges met kalfsschenkel en patatjes in de schil. Lijkt mij meer geschikt voor huiselijke kring. Een gedicht van Hugo Claus met titel: Asperges zijn meestal heren... Mooi, maar de inhoud is meestal niet echt katholiek, luister maar naar de laatste strofe:
En ook als ik reïncarneer,
Dan niet Oosters in een kever
Of een jonge loopse hond
Maar als in de tijd van mijn leven
Door een prinses vastgebonden,
Oprecht rechtop klaargestoomd
En dan glijdend in haar mond.
Een winteravond lang
Geurt haar stil water
Ah, Cees Nooteboom De Asperge…. Communio Virginalis. Het begint zo:
“Zie nu deze eerzame, eetbare phallus, ", neen ook niet geschikt.
Dus de keuze valt toch op de asperges van Proust, in een professionele vertaling dan. De schrijver loopt voorbij de keuken en ziet het keukenmeisje asperges schillen. Hij vergelijkt de asperges met hemelse wezentjes. Hier de vertaalde tekst.
Ik bleef staan om op de tafel, waar het keukenmeisje ze net had gedopt, de erwtjes te bekijken die op regelmatige rijen lagen als groene knikkers in een spel; maar mijn verrukking gold vooral de in ultramarijn en roze gedrenkte asperges, waarvan de gesoigneerde toetsjes lila en hemelsblauw beschilderde top naar de voet toe - al is die nog vuil van de grond van hun bed - gaandeweg uitvloeit in iriseringen die niet van deze wereld zijn. Het kwam me voor alsof ik in die hemelse schakeringen een glimp opving van verrukkelijke schepselen die voor de grap de gedaanten van groenten hadden aangenomen en in de vermomming van hun stevige, eetbare vlees, in de ontluikende dageraadskleuren, die regenboogschetsen en dat uitdovend avondblauw, hun kostbare essentie lieten doorschemeren, die ik na een maaltijd waarbij ik ze had gegeten nog de hele nacht herkende wanneer ze in hun kluchten, die even poëtisch als boertig waren als een feeërie van Shakespeare, bij wijze van spel, mijn po veranderen in vat parfum.
Hierop wens ik iedereen een goede thuiskomst , en misschien nog een zalig nagenieten van het nachtaroma.
